Verschillen
| Kenmerk | Torenvalk Falco tinnunculus | Boomvalk Falco subbuteo | Slechtvalk Falco peregrinus |
|---|---|---|---|
| Formaat | 32–35 cm spanwijdte 70–80 cm | 30–35 cm spanwijdte 70–85 cm | 38–48 cm spanwijdte 95–115 cm |
| Kop & borst | Mannetje: grijsblauwe kop, roestrode rug met stippen Vrouwtje: bruin, gestreept | Donkere kop met lichte wangen en baardstreep Borst licht met donkere strepen | Zwarte kap met brede “snor”-streep Borst licht met fijne streping |
| Vleugels & staart | Smalle, spitse vleugels Lange staart met zwarte eindband | Lange, sikkelvormige vleugels (lijkt op gierzwaluw) Korte staart | Brede, spitse vleugels Korte staart, fors gebouwd |
| Jachtgedrag | Kenmerkend “bidden” (stilhangen in lucht) Jaagt vooral op muizen | Zeer wendbaar, jaagt op libellen en kleine vogels in vlucht | Spectaculaire stootduik (>300 km/u) Jaagt op vogels (duiven, steltlopers) |
| Balts & nest | Gebruikt oude kraaiennesten of nissen in gebouwen | Oude kraaiennesten in hoge bomen Balts: luchtacrobatiek, prooioverdracht | Nestelt op rotsen of hoge gebouwen Baltsvluchten met stoten en prooioverdracht |
| Habitat & verspreiding | Open landschap: akkers, bermen, dorpen en steden | Open gebieden bij bosranden, heide, moeras Zomervogel (winter in Afrika) | Rotsen en kustgebieden, maar ook steden Populatie sterk toegenomen in Vlaanderen |




Geef een reactie