Home » Soorten » Paddenstoelen » Plaatjeszwammen » Tranende franjehoed

Tranende franjehoed

Lacrymaria lacrymabunda

Beschrijving

De tranende franjehoed is een middelgrote plaatjeszwam met een hoed van 4 tot 10 cm breed. De hoed is bruin tot donkerbruin, vaak met een vezelig tot rafelig oppervlak, en de hoedrand is fijn franjeachtig. Bij vochtig weer kan de hoed wat kleverig aanvoelen.

De lamellen zijn aanvankelijk bleekgrijs, later donkerpaars tot zwart door het rijpen van de sporen. Kenmerkend is dat ze kleine druppeltjes afscheiden — vandaar de naam “tranende franjehoed”. De steel is 5 tot 12 cm lang, lichtbruin, vezelig en zonder ring. Het vlees is dun, grijsbruin en heeft geen opvallende geur.

Habitat

De tranende franjehoed komt voor in graslanden, bermen, tuinen en parken, vaak op voedselrijke bodems en op plaatsen waar organisch materiaal in de grond aanwezig is. Je vindt hem van de zomer tot diep in de herfst, meestal in groepjes of kleine bundels.

Ecologie

Lacrymaria lacrymabunda is een saprotrofe paddenstoel: hij leeft van dood organisch materiaal in de bodem en draagt zo bij aan de kringloop van voedingsstoffen. Hij is vrij algemeen in Vlaanderen en wordt regelmatig gevonden in stedelijke gebieden en wegbermen.

Voor mensen is de soort niet eetbaar: hoewel hij niet ernstig giftig is, wordt hij afgeraden door zijn onaangename smaak, dun vruchtvlees en mogelijke verwarring met giftige soorten.

Foto’s