Beschrijving
De klontjestrilzwam vormt zachte, gelei-achtige vruchtlichamen van 1 tot 3 cm groot. Ze zijn aanvankelijk doorschijnend wit tot lichtgrijs en groeien vaak samenvloeiend tot grotere plakkaten. Een kenmerkend detail zijn de kleine witte kernen in het binnenste, die als klontjes zichtbaar zijn – vandaar de naam.
Het oppervlak is glad tot licht gelobd en voelt rubberachtig of slijmerig aan bij vochtig weer. Bij droogte krimpen de vruchtlichamen sterk in en worden ze hard en onopvallend; na regen zwellen ze opnieuw op.

Habitat
De klontjestrilzwam groeit op dood loofhout, vooral op beuk en eik, meestal op sterk vermolmd hout of takken. Hij verschijnt van de herfst tot in de winter en het vroege voorjaar, vooral bij vochtig weer.
Ecologie
Exidia nucleata is een saprotrofe soort die dood hout afbreekt en zo een rol speelt in de kringloop van voedingsstoffen in het bos.
