Beschrijving
De kastanjeboleet is een middelgrote buisjeszwam met een hoed van 5 tot 15 cm breed. De hoed is kastanjebruin van kleur, vaak wat donkerder in het midden, en voelt bij vochtig weer kleverig aan. Onder de hoed bevinden zich fijne buisjes met poriën die in jonge exemplaren geel zijn, maar later olijfgroen verkleuren. Wanneer je de buisjes of het vlees doorsnijdt, verkleuren ze langzaam blauw, wat een belangrijk determinatiekenmerk is.
De steel is 5 tot 12 cm lang, meestal slank en egaal lichtbruin tot geelbruin van kleur. De steel heeft geen ring en ook geen opvallend netwerk (reticulatie), wat hem onderscheidt van sommige andere boleten. Het vlees is witachtig tot lichtgeel en blijft stevig, behalve bij nat weer, wanneer het sponsachtig kan worden.

Habitat
De kastanjeboleet vormt mycorrhiza met verschillende boomsoorten, maar wordt in onze streken het meest gevonden bij naaldbomen zoals den en spar. Soms groeit hij ook bij loofbomen, met name beuk. Hij verkiest zure bodems en komt vooral voor in bossen en heidegebieden. De vruchtlichamen verschijnen van de zomer tot laat in de herfst, vaak in grote aantallen.
Ecologie
Als mycorrhizapaddenstoel speelt de kastanjeboleet een belangrijke rol in het bosecosysteem. Hij ondersteunt bomen bij de opname van water en voedingsstoffen en ontvangt in ruil suikers die de boom via fotosynthese produceert. Door zijn algemene voorkomen is het een sleutelsoort in veel naald- en gemengde bossen.
Voor mensen is de kastanjeboleet een gewaardeerde eetbare paddenstoel, hoewel hij culinair iets minder hoog aangeschreven staat dan het eekhoorntjesbrood (Boletus edulis). Bij nat weer kan het vruchtvlees waterig worden, waardoor hij minder geschikt is om te bewaren.


