Home » Soorten » Vogels » Reigers » Blauwe reiger

Blauwe reiger

Ardea cinerea

Beschrijving

De blauwe reiger is een grote, elegante vogel met lange poten en een lange, spitse snavel. Zijn houding is vaak statig en een beetje houterig, alsof hij rustig en bedachtzaam door het water stapt. Vanop afstand oogt hij grijsblauw, met een lichtere buik en een wat donkere rug. Zijn kop is opvallend: witachtig met een zwarte streep door het oog die uitloopt in een sierlijke kuif. In vlucht herken je hem meteen aan de trage, krachtige vleugelslagen en de manier waarop hij zijn lange hals in een S-vorm intrekt, terwijl zijn poten recht naar achteren steken.

Habitat

De blauwe reiger is een echte algemene watervogel die je bijna overal tegenkomt waar water is. Van brede rivieren, kanalen en meren tot vijvers in parken, stadswijken en zelfs sloten tussen akkers – zolang er maar vissen of andere prooien te vinden zijn. Hij houdt van ondiep water waar hij traag kan rondstappen of stil kan staan, speurend naar een prooi.

Nestgedrag

De blauwe reiger zoekt in de lente de rust van hoge bomen op, vaak in de buurt van meren, rivieren of moerassen. Daar verzamelt hij zich met tientallen tot soms wel honderden soortgenoten in een kolonie, een echte “reigerkolonie” die al van ver te horen is door het rauwe gekras van de vogels. Het nest zelf is een groot en wat rommelig bouwwerk van takken, meestal hoog in de kruin van een boom. Elk jaar wordt het nest opnieuw gebruikt en verder uitgebouwd, waardoor sommige nesten enorme afmetingen kunnen krijgen.

Vanaf februari–maart begint de broedtijd. Het vrouwtje legt gewoonlijk 3 tot 5 eieren, blauwachtig van kleur, die door beide ouders worden bebroed. Na ongeveer vier weken komen de jongen uit het ei. In het begin zijn ze hulpeloos en nog nauwelijks behaard, maar al snel groeien ze uit tot stevige kuikens die hongerig om voedsel schreeuwen. De ouders vliegen af en aan met vis, kikkers en kleine zoogdieren, die ze uitbraken om de jongen te voeden.

Pas na zo’n 7 à 8 weken zijn de jongen sterk genoeg om uit te vliegen, al blijven ze nog enige tijd rond het nest hangen om verder gevoerd te worden. De kolonie is dan een levendig schouwspel van fladderende jonge vogels en ouders die waakzaam in de buurt blijven.

Foto’s