Beschrijving
Het Aziatisch lieveheersbeestje is een opvallend en sterk variabel lieveheersbeestje dat oorspronkelijk uit Oost-Azië komt. De soort werd in Europa ingevoerd als natuurlijke bestrijder van bladluizen, maar heeft zich intussen massaal verspreid en is nu een van de meest voorkomende lieveheersbeestjes in België en Nederland.
Wat deze soort bijzonder maakt, is de grote variatie in kleur en tekening. Het dekschild kan geel, oranje, rood of bijna zwart zijn, met veel, weinig of zelfs geen stippen. Vaak heeft het dier op het halsschild een donker patroon dat lijkt op een M of W, wat een handig herkenningskenmerk is.
Aziatische lieveheersbeestjes zijn zeer efficiënte roofdieren en eten grote hoeveelheden bladluizen en andere kleine insecten. Net daardoor vormen ze een probleem voor inheemse lieveheersbeestjes, die minder competitief zijn en verdrongen worden. De soort wordt daarom beschouwd als invasief.
In de herfst zoeken ze vaak massaal beschutte plekken op om te overwinteren. Daarbij kruipen ze soms huizen binnen, wat hen bij mensen extra bekend maakt. Wanneer ze zich bedreigd voelen, kunnen ze een geelachtige vloeistof afscheiden met een scherpe geur.
Ondanks hun bekende uiterlijk en nuttige rol als bladluizeneter, is het Aziatisch lieveheersbeestje ecologisch gezien een controversiële soort door zijn impact op de inheemse biodiversiteit.

Ecologie
Het Aziatisch lieveheersbeestje is een zeer generalistische en flexibele soort. Het leeft in uiteenlopende habitats zoals tuinen, parken, landbouwgebieden, bosranden en stedelijke omgevingen. Overal waar bladluizen en andere kleine insecten voorkomen, kan deze soort zich vestigen en snel vermenigvuldigen.
De soort is een uitgesproken predator. Zowel larven als volwassen kevers voeden zich met bladluizen, schildluizen en soms ook de eieren en larven van andere insecten, waaronder die van inheemse lieveheersbeestjes. Hierdoor staat het Aziatisch lieveheersbeestje hoog in de voedselketen binnen het micro-insectenmilieu van planten.
Door zijn hoge voortplantingssnelheid, brede dieet en sterke dispersiecapaciteit heeft de soort een groot concurrentievoordeel. In gebieden waar ze massaal voorkomt, neemt de diversiteit aan inheemse lieveheersbeestjes vaak af. Dit maakt het Aziatisch lieveheersbeestje tot een belangrijke verstorende factor in lokale voedselwebben.
Overwintering gebeurt in groepen, vaak op beschutte, droge plaatsen. In natuurlijke omstandigheden zijn dat rotsen en boomholtes, maar in menselijke omgevingen worden ook gebouwen gebruikt. Deze overwinteringsstrategie verhoogt de overlevingskans en draagt bij aan het succes van de soort in nieuwe gebieden.
Door deze combinatie van ecologische eigenschappen wordt het Aziatisch lieveheersbeestje beschouwd als een succesvolle maar problematische invasieve soort binnen Europese ecosystemen.





